7 tips om je planten water te geven tijdens de vakantie

7 astuces pour arroser ses plantes pendant les vacances

De vakantie komt eraan en je vraagt je af hoe je voor je kamerplanten moet zorgen terwijl je weg bent? Niet zo makkelijk, zeker als je weet dat te veel water geven voor vertrek nog schadelijker kan zijn dan een gebrek aan water. De uitdaging is om de juiste vochtigheid over een langere periode te bewaren. Maar geen paniek — er bestaan allerlei slimme methoden om het groene hoekje dat je met zoveel moeite hebt opgebouwd te redden. We bespreken de voor- en nadelen van 7 tips waarmee je zorgeloos op vakantie kunt gaan. En door er meerdere te combineren, kun je zelfs meerdere weken wegblijven!

1. Je planten bij elkaar zetten

De luchtvochtigheid en de vochtigheid van de aarde op peil houden is cruciaal voor het overleven van kamerplanten. De eerste oplossing is dan ook om je planten op één plek bij elkaar te zetten. Zo creëer je een microklimaat, want planten produceren vocht via evapotranspiratie, en hoe droger de lucht, hoe meer ze transpireren. Je planten bij elkaar zetten helpt een omgevingsvochtigheid te behouden die het verlies door evapotranspiratie vermindert. Het waterverbruik van je planten wordt zo geoptimaliseerd, wat je extra vakantiedagen oplevert! Het ideaal is om ze bijvoorbeeld in een bad te plaatsen, wat je meteen de kans geeft om een onderdompelingsbewatering in te stellen. En badkamers zijn van nature ook vrij vochtige ruimtes.

2. Het plant sitting

Vanzelfsprekend… maar niet voor iedereen haalbaar als je niemand hebt aan wie je je sleutels kunt toevertrouwen. Toch is het de eenvoudigste oplossing. Door deze tip te combineren met de vorige, maak je het je plant sitter een stuk makkelijker — die hoeft dan alleen maar wat water op de bodem van het bad te doen, of al je planten in één keer water te geven zonder drie keer door het huis te hoeven lopen. Het voordeel is dat als je ook een huisdier hebt dat verzorgd moet worden, diezelfde persoon alles in één keer kan regelen. Het grootste nadeel blijft dat als je planten verschillende waterbehoeften hebben, je een briefje moet achterlaten, wat de taak wat omslachtiger maakt…

3. De oyas

oyas (of ollas) zijn waterreservoirs van microporeuze klei die het water geleidelijk aan je planten afgeven. De planten reguleren hun waterbehoeften zelf door via capillaire werking water op te nemen vanuit de klei. Ze voorkomen ook de verdamping van gietwater aan het oppervlak. De besparing kan oplopen tot wel 70%! Het grote voordeel is dat je je niet meer hoeft te bekommeren om de individuele behoeften van elke plant. Als je meerdere weken weg bent en een plant sitter hebt, hoeft die alleen maar te controleren of de oyas leeg zijn voordat hij of zij opnieuw water toevoegt. Het nadeel blijft dat het een flinke investering kan zijn als je veel planten hebt. DIY-oyas-oplossingen met gewone terracottapotten zijn mogelijk, maar minder effectief. oyas worden namelijk op een zeer precieze temperatuur gebakken zodat de porositeit van de klei optimaal is. Kies je voor DIY, test ze dan ruim van tevoren om geen nare verrassing te riskeren.

4. Potten met waterreservoir

Potten met waterreservoir zijn een alternatief voor oyas, maar het budget zal hoger uitvallen als je let op de esthetiek van deze potten. Ze zijn desalniettemin erg effectief als ze zijn afgestemd op de grootte van de plant. Als je plant te groot is, kunnen de wortels in het water komen te staan en loop je het risico dat ze gaan rotten.

5. Je kamerplanten mulchen

Jawel. Mulchen is een techniek die tuiniers goed kennen: het gaat erom een laag organisch of mineraal materiaal op de bodem aan te brengen om die te beschermen tegen zonnestralen of vorst, en om hem vochtig te houden. Uiteraard gaan we geen 20 cm hooi of 10 cm paardenmest op onze planten leggen (al dan niet…), maar er bestaan veel esthetischere en even effectieve oplossingen. Je kunt bijvoorbeeld kleikorrels, kokosvezel of zelfs aan het strand raapgeplukte kiezels gebruiken (op voorwaarde dat je ze eerst wast).

6. De doordrenkte katoendraadjes

Met deze methode verbind je je planten via katoendraadjes met een bak water. Het grote voordeel is dat je hiermee langere tijd weg kunt zijn. Hoe meer water je in de bak doet, hoe langer het systeem zelfstandig werkt. Om het op te zetten heb je geschikt, zo absorberend mogelijk garen nodig, dat je eenvoudig kunt vinden in een gespecialiseerde tuinwinkel of online.

Stap 1: Snijd de draadjes op de juiste lengte. Ze moeten aan één kant minstens 5 cm diep in de aarde kunnen worden gestoken, en aan de andere kant in het water hangen.

Stap 2: Laat de draadjes een paar minuten in water weken. Begin dan met het steken van het ene uiteinde in de aarde, waarbij je ervoor zorgt dat het goed contact maakt met de grond. Om het op zijn plaats te houden, kun je houten stokjes gebruiken. Leg het andere uiteinde in het reservoir.

Stap 3: Vul de bak met water en geef je planten water. Er moet een verbinding zijn tussen de aarde en de bak, een beetje zoals het principe van communicerende vaten.

7. Een broeikaseffect creëren met een doek

Dit is de methode waarmee je het langst weg kunt zijn. Na het water geven van je plant, leg je het doek eroverheen en bevestig je het met riemen rond de pot. Plaats vooraf stokjes in de pot om te voorkomen dat het doek te veel in contact komt met de bladeren van de plant. Door dit te doen, creëer je een broeikaseffect dat het verdampingswater condenseert en terug in de aarde laat vallen. Dit komt uiteindelijk neer op het nabootsen van een mini-watercyclus op de schaal van jouw plant.